ECLI:NL:RVS:2018:2600
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling in hoger beroep asielzaak
De vreemdeling had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke bij besluit van 27 februari 2017 door de staatssecretaris werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen deze afwijzing op 4 april 2018 ongegrond. Hiertegen stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De vreemdeling verzocht vervolgens om een voorlopige voorziening om te voorkomen dat hij zou worden uitgezet voordat op het hoger beroep was beslist, en om opvang en verstrekkingen gedurende die periode te ontvangen. De voorzieningenrechter overwoog dat het verzoek, gelet op eerdere jurisprudentie, toewijsbaar was.
Daarom werd bij wijze van voorlopige voorziening bepaald dat de vreemdeling niet mag worden uitgezet zolang het hoger beroep loopt. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling, bestaande uit kosten voor rechtsbijstand door een derde.
De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter H. Troostwijk op 1 augustus 2018 in aanwezigheid van griffier P.A.M.J. Graat.
Uitkomst: De vreemdeling mag niet worden uitgezet totdat op het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris moet proceskosten vergoeden.