ECLI:NL:RVS:2018:3182
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit kinderopvangtoeslag en uitspraak rechtbank wegens onzorgvuldige motivering
De Belastingdienst/Toeslagen heeft aan [wederpartij] medegedeeld dat hij geen recht heeft op voorschotten kinderopvangtoeslag over 2014 en 2015. Na bezwaar en beroep stelde de rechtbank Amsterdam het bezwaar deels gegrond en bepaalde dat een nieuw besluit moest worden genomen. De Belastingdienst/Toeslagen stelde vervolgens een nieuw besluit vast, maar [wederpartij] bleef in beroep.
De Raad van State oordeelt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de Belastingdienst niet tijdig op het bezwaar heeft beslist en dat het besluit van 28 maart 2017 onzorgvuldig is voorbereid en ondeugdelijk gemotiveerd. De Raad vernietigt daarom het besluit van 28 maart 2017 en het besluit van 5 oktober 2017, en bevestigt de overige delen van de uitspraak van de rechtbank.
De Belastingdienst dient een nieuw besluit te nemen dat rekening houdt met de overwegingen van de rechtbank, waaronder het aantal opvanguren en de aanwezigheid van een andere beroepskracht. Tevens bepaalt de Raad dat tegen dit nieuwe besluit alleen beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak kan worden ingesteld.
Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door een enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 3 oktober 2018.
Uitkomst: Het besluit van 28 maart 2017 en het besluit van 5 oktober 2017 worden vernietigd en de Belastingdienst dient een nieuw besluit te nemen.