ECLI:NL:RVS:2018:3186
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhavingsbesluit tegen illegale bouwwerken op paardenweide in Tilburg
Het college van burgemeester en wethouders van Tilburg legde bestuursdwang op aan appellant om bouwwerken op zijn perceel te verwijderen, omdat deze zonder omgevingsvergunning waren gerealiseerd en in strijd waren met het bestemmingsplan. Het perceel werd gebruikt als paardenweide. Het college herzag het besluit deels door handhaving tegen een stal te schrappen.
Appellant stelde dat handhaving onevenredig was vanwege het belang van de bouwwerken voor het houden van paarden en zijn gezondheid. Ook voerde hij aan dat het college in strijd met het gelijkheidsbeginsel handelde door niet tegen een vergelijkbare rijbak op een naburig perceel op te treden.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Raad van State bevestigde deze uitspraak. De Afdeling oordeelde dat het college de belangen van appellant voldoende had meegewogen en dat geen bijzondere omstandigheden bestonden om af te zien van handhaving. Medische omstandigheden en het gelijkheidsbeginsel boden geen grond voor afwijking. De handhaving was proportioneel en noodzakelijk om het bestemmingsplan te handhaven.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt het handhavingsbesluit en verklaart het hoger beroep ongegrond.