ECLI:NL:RVS:2018:3241
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling in hoger beroep asiel
De staatssecretaris heeft op 20 juni 2018 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afgewezen. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 5 september 2018 het beroep ongegrond verklaarde. Hiertegen is hoger beroep ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De vreemdeling verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen, zodat hij niet wordt uitgezet voordat op het hoger beroep is beslist en om opvang en verstrekkingen gedurende die periode. De voorzieningenrechter oordeelde dat het verzoek, gelet op eerdere jurisprudentie, toewijsbaar is.
De staatssecretaris werd tevens veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van € 501,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. De uitspraak werd gedaan op 4 oktober 2018 door voorzieningenrechter C.J. Borman.
Uitkomst: De vreemdeling wordt beschermd tegen uitzetting totdat het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris moet proceskosten vergoeden.