ECLI:NL:RVS:2018:3269
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging omgevingsvergunning voor erfafscheiding achter voorgevelrooilijn
Het college van burgemeester en wethouders van Lansingerland verleende een omgevingsvergunning voor het plaatsen van een erfafscheiding van 2 meter hoog op een perceel in Bleiswijk. Omwonenden, appellant A en appellant B, stelden dat de erfafscheiding in strijd was met het bestemmingsplan omdat deze niet achter maar voor de voorgevelrooilijn zou zijn geplaatst.
Zij voerden aan dat de voorgevel aan de zuidzijde (Beukenlaan) ligt en niet aan de noordzijde (het pad), en dat het bouwplan daarom niet voldoet aan de planregels die een maximale hoogte van 1 meter voor erfafscheidingen voor de voorgevelrooilijn voorschrijven. De rechtbank oordeelde echter dat de noordzijde, waar de voordeur en huisnummer zijn gesitueerd, als voorgevel moet worden aangemerkt.
De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigde dit oordeel. De feitelijke situatie en planregels maken niet eenduidig waar de voorgevelrooilijn ligt, maar de feitelijke toegankelijkheid en inrichting van de woning zijn doorslaggevend. De civielrechtelijke afspraken tussen partijen konden niet aan appellanten worden tegengeworpen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en de procedure werd daarmee afgerond.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de vergunning voor de erfafscheiding bevestigd.