ECLI:NL:RVS:2018:3381
Raad van State
- Hoger beroep
- J. Hoekstra
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over vergunningplicht en handhaving veerpont Kessel-Reuver
In deze bestuursrechtelijke zaak heeft appellant bezwaar gemaakt tegen het besluit van het college om niet handhavend op te treden tegen de veerpont tussen Kessel en Reuver. Appellant stelde dat de veerpont niet onder de bestemming 'Water - Rivier' valt en dat voor de veerpont en de bijbehorende voorzieningen een omgevingsvergunning vereist is.
De rechtbank Limburg oordeelde dat de veerpont wel onder beroeps- en recreatievaart valt en dat geen omgevingsvergunning nodig is. Appellant ging hiertegen in hoger beroep bij de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak heeft geoordeeld dat de veerpont als schip en onderdeel van beroeps- en recreatievaart moet worden beschouwd, ondanks dat deze niet vrijvarend is en voorzieningen zoals klipankers en kabels nodig heeft. Deze voorzieningen zijn geen bouwwerken in de zin van de Wabo, omdat zij onderdeel zijn van het geleidingsmechanisme van de veerpont en de veerpont zelf geen bouwwerk is.
Daarmee is het college niet bevoegd om handhavend op te treden tegen de veerpont. Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.