ECLI:NL:RVS:2018:3531
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- H. Troostwijk
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging handhavingsbesluit omgevingsvergunning Amsterdam
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam legde op 30 maart 2017 een preventieve last onder dwangsom op aan de eigenaar van panden aan twee locaties in Amsterdam, omdat volgens het college meer was gesloopt dan was toegestaan in de omgevingsvergunning. De eigenaar voerde aan dat de extra sloopwerkzaamheden onderdeel waren van de vergunning, ondersteund door bouwtekeningen die op 14 oktober 2016 waren ingediend en goedgekeurd.
De rechtbank Amsterdam vernietigde het handhavingsbesluit en oordeelde dat het college onrechtmatig had gehandeld omdat het niet met de eigenaar in overleg was getreden om legalisering te verkennen. Zowel het college als de eigenaar stelden hoger beroep in tegen deze uitspraak.
De Raad van State oordeelde dat de bouwtekeningen van 14 oktober 2016 integraal deel uitmaken van de omgevingsvergunning en dat het college ten onrechte had gesteld dat sprake was van nieuwbouw in plaats van verbouw. Hierdoor was het college niet bevoegd om handhavend op te treden. Het hoger beroep van het college werd ongegrond verklaard, het hoger beroep van de eigenaar gegrond en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Daarnaast werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan de eigenaar. De Raad van State bepaalde tevens dat het college griffierecht moest betalen. Hiermee is de rechtmatigheid van het handhavingsbesluit definitief vastgesteld.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de vernietiging van het handhavingsbesluit en veroordeelt het college tot proceskostenvergoeding.