ECLI:NL:RVS:2018:366
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling in hoger beroep
De staatssecretaris heeft op 20 december 2017 het verzoek van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet-ontvankelijk verklaard. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep op 25 januari 2018 ongegrond verklaarde. De vreemdeling ging vervolgens in hoger beroep en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter overwoog dat het verzoek om niet-uitzetting en het bieden van opvang en verstrekkingen tijdens de duur van het hoger beroep, gelet op eerdere jurisprudentie, toewijsbaar was. De staatssecretaris werd bovendien veroordeeld tot het vergoeden van de proceskosten van de vreemdeling, specifiek de kosten van door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
De voorzieningenrechter bepaalde dat de vreemdeling niet mag worden uitgezet totdat het hoger beroep is afgerond en legde een proceskostenveroordeling van €501,- op aan de staatssecretaris. De uitspraak werd gedaan op 2 februari 2018 door mr. J.J. van Eck.
Uitkomst: De vreemdeling mag niet worden uitgezet totdat het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris moet proceskosten vergoeden.