ECLI:NL:RVS:2018:3758
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- A.B.M. Hent
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak vreemdelingenbewaring wegens schending hoor en wederhoor
De vreemdeling was op 14 augustus 2018 in vreemdelingenbewaring gesteld. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen deze maatregel ongegrond en wees zijn verzoek tot schadevergoeding af. De vreemdeling ging in hoger beroep en verzocht tevens om schadevergoeding.
Tijdens de procedure verzocht de vreemdeling om heropening van het onderzoek om een uitspraak van een voorzieningenrechter mee te nemen. De rechtbank heropende het onderzoek en vroeg de staatssecretaris te reageren. De staatssecretaris deed dat ook, maar de rechtbank sloot het onderzoek direct daarna, waardoor de vreemdeling niet meer kon reageren op de reactie van de staatssecretaris.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat hierdoor het beginsel van hoor en wederhoor was geschonden en dat de rechtbank ten onrechte het onderzoek zonder nadere zitting had gesloten zonder partijen te wijzen op hun recht om gehoord te worden. De uitspraak van de rechtbank werd vernietigd en de zaak werd terugverwezen voor een nieuwe behandeling met inachtneming van deze beginselen. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen voor hernieuwde behandeling met proceskostenvergoeding aan de vreemdeling.