ECLI:NL:RVS:2018:3930
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling in hoger beroep asiel
De staatssecretaris heeft op 4 oktober 2018 het verzoek van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afgewezen. De rechtbank verklaarde het daarop ingestelde beroep van de vreemdeling op 2 november 2018 ongegrond. De vreemdeling stelde vervolgens hoger beroep in en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter overweegt dat het verzoek om niet uitgezet te worden en om opvang en verstrekkingen gedurende de duur van het hoger beroep, gelet op eerdere jurisprudentie, toewijsbaar is. De staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling, die geheel toe te rekenen zijn aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
De voorzieningenrechter bepaalt derhalve dat de vreemdeling niet mag worden uitgezet totdat het hoger beroep is beslist en legt een proceskostenveroordeling op aan de staatssecretaris.
Uitkomst: De vreemdeling mag niet worden uitgezet totdat het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.