ECLI:NL:RVS:2018:4150
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.G. Lubberdink
- A.W.M. Bijloos
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid van beroepen tegen exploitatievergunning terras in Breskens
De zaak betreft beroepen van twee appellanten tegen besluiten van de burgemeester van Sluis inzake een exploitatievergunning voor een pannenkoekenrestaurant met terrassen in Breskens. Eerder had de Afdeling een eerdere uitspraak van de rechtbank vernietigd en het besluit van de burgemeester teruggewezen om opnieuw te beslissen.
Na een nieuw besluit van de burgemeester van 29 augustus 2017 stelden appellanten opnieuw beroep in. Appellante sub 1 stelde dat de vergunning was vervallen en dat het schrappen van bepaalde voorschriften onterecht was. De burgemeester en appellante sub 2 voerden dat het beroep van appellante sub 1 niet-ontvankelijk was wegens het niet tijdig indienen van de beroepsgronden.
De Afdeling oordeelde dat appellante sub 1 haar beroepsgronden niet binnen de gestelde termijn had ingediend, ondanks een mogelijkheid tot herstel. Het bewijs dat de brief tijdig was verzonden faalde, waardoor het beroep niet-ontvankelijk werd verklaard. Het incidentele beroep van appellante sub 2 werd eveneens niet-ontvankelijk verklaard omdat het buiten de beroepstermijn was ingediend en niet kon worden aangemerkt als incidenteel hoger beroep.
De Afdeling kon daardoor niet inhoudelijk op de beroepsgronden ingaan en wees de beroepen af wegens niet-ontvankelijkheid. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De beroepen van appellanten zijn niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet tijdig indienen van beroepsgronden en overschrijding van de beroepstermijn.