ECLI:NL:RVS:2018:4209
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling in hoger beroep verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris heeft op 1 november 2018 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afgewezen. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die dit op 29 november 2018 ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Raad van State en verzocht om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft overwogen dat het verzoek om een voorlopige voorziening toewijsbaar is, mede gelet op eerdere jurisprudentie (ECLI:NL:RVS:2016:3350). De voorziening houdt in dat de vreemdeling niet wordt uitgezet totdat het hoger beroep is beslist en dat hij gedurende die periode opvang en verstrekkingen ontvangt op grond van de Wet Centraal Orgaan opvang asielzoekers.
Daarnaast is de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van € 501,00, geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. De uitspraak werd op 19 december 2018 in het openbaar gedaan door voorzieningenrechter J.Th. Drop.
Uitkomst: De vreemdeling mag niet worden uitgezet totdat het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris is veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.