ECLI:NL:RVS:2018:613
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.C. Kranenburg
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdverklaring beroep tegen beheerplan Natura 2000-gebied De Bruuk
Bij besluiten van 14 juni 2016 hebben de staatssecretaris en het college van gedeputeerde staten het beheerplan "De Bruuk" vastgesteld op grond van de artikelen 19a en 19b van de Natuurbeschermingswet 1998. Dit beheerplan betreft het Natura 2000-gebied De Bruuk, een moerasgebied met het habitattype blauwgraslanden (H6410).
[Appellant] en anderen, directe omwonenden en eigenaren nabij het gebied, hebben beroep ingesteld tegen het beheerplan. Zij betogen dat het plan onvoldoende kwantificeerbare en toetsbare instandhoudingsdoelstellingen bevat, gebaseerd is op verouderde gegevens en onvoldoende rekening houdt met hun belangen, zoals mogelijke natschade door hydrologische maatregelen.
De Afdeling stelt vast dat het beroep niet is gericht tegen het aanwijzingsbesluit van het Natura 2000-gebied, maar tegen het deel van het beheerplan waarin instandhoudingsmaatregelen zijn beschreven. Volgens artikel 39, tweede lid, van de Natuurbeschermingswet 1998 is tegen dit deel van het beheerplan geen beroep mogelijk. Daarom verklaart de Afdeling zich onbevoegd om kennis te nemen van het beroep en gaat niet inhoudelijk in op de beroepsgronden.
De Afdeling veroordeelt niet tot proceskosten en bepaalt dat het betaalde griffierecht wordt terugbetaald aan [appellant] en anderen. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 21 februari 2018.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het beroep tegen het beheerplan De Bruuk.