ECLI:NL:RVS:2018:691
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan Groenezijweg Ool wegens onvoldoende motivering milieuzonering
In deze zaak heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State het beroep van appellant tegen het bestemmingsplan 'Groenezijweg Ool' behandeld. Het oorspronkelijke plan, vastgesteld op 13 oktober 2016, voorzag in de planologische inpassing van vijf woningen nabij het bedrijf van appellant. De Afdeling stelde in een tussenuitspraak vast dat het plan onvoldoende was gemotiveerd omdat milieugevoelige functies buiten het bouwvlak op minder dan de aanbevolen richtafstand van 10 meter waren toegestaan.
De Afdeling gaf de raad van Roermond de opdracht om dit gebrek binnen zestien weken te herstellen door het besluit te motiveren of te wijzigen. De raad wijzigde het plan op 21 december 2017 door een strook gronden aan te wijzen waar milieugevoelige functies zijn uitgesloten, met nadere definities en gebruiksregels.
Appellant voerde aan dat het gebrek niet voldoende was hersteld, onder meer omdat de uitsluiting alleen voor bebouwing geldt en de definities onduidelijk zouden zijn. De Afdeling oordeelde echter dat de raad met de wijziging aan de opdracht had voldaan en dat de zienswijze onvoldoende was geconcretiseerd. Het beroep tegen het gewijzigde besluit werd daarom ongegrond verklaard.
De Afdeling veroordeelde de raad tot vergoeding van proceskosten en het griffierecht aan appellant. Hiermee is het oorspronkelijke plan vernietigd voor het woonplandeel, en het gewijzigde plan is in stand gelaten.
Uitkomst: Het bestemmingsplan van 13 oktober 2016 wordt vernietigd voor het woonplandeel; het gewijzigde plan van december 2017 wordt gehandhaafd.