ECLI:NL:RVS:2018:920
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen onverbindendverklaring artikelen Regeling verstrekkingen asielzoekers
Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COa) heeft de vreemdeling per e-mail geïnformeerd over de beëindiging van verstrekkingen op grond van de Regeling verstrekkingen asielzoekers en andere categorieën vreemdelingen 2005 (Rva 2005).
De rechtbank Den Haag verklaarde in januari 2018 de artikelen 5 en 7, aanhef en onder h, van de Rva 2005 onverbindend en gaf de vreemdeling gelijk in zijn beroep tegen de beëindiging van opvangvoorzieningen. Het COa stelde hiertegen hoger beroep in en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het belang van het COa om de artikelen toe te passen zwaarder weegt dan het belang van de vreemdeling om de uitspraak niet te schorsen, mede omdat het hoger beroep geen schorsende werking heeft. Daarom werd de uitspraak van de rechtbank voor zover onverbindendverklaring betreft geschorst totdat op het hoger beroep is beslist.
Uitkomst: De uitspraak van de rechtbank wordt geschorst voor zover daarin de artikelen 5 en 7 van de Regeling verstrekkingen asielzoekers onverbindend zijn verklaard.