ECLI:NL:RVS:2018:964
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging locatieaanduiding ondergrondse restafvalcontainer in Breda wegens onvoldoende belangenafweging
Het college van burgemeester en wethouders van Breda stelde bij besluit van 4 april 2017 locatie OG0080 aan de Lange Akker in Teteringen aan als plaats voor een ondergrondse restafvalcontainer (orac). Appellant, wonende nabij deze locatie, maakte bezwaar tegen deze aanwijzing en stelde dat het besluit onvoldoende inzicht gaf in de belangenafweging en dat de locatie ongeschikt was vanwege bereikbaarheid, verkeersveiligheid, overlast en mogelijke schade.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het besluit geen kenbare belangenafweging bevatte, waardoor het besluit onzorgvuldig was genomen en vernietigd moest worden. Wel werd geoordeeld dat het college zich in redelijkheid op het standpunt kon stellen dat de locatie voldeed aan de uitgangspunten bereikbaarheid en verkeersveiligheid. Ook de bezwaren over brandgevaar, overlast hondenpoep, trillingen, schade en waardevermindering werden niet aannemelijk geacht.
De voorgestelde alternatieve locaties werden door het college terecht minder geschikt geacht vanwege verkeersveiligheid en maximale loopafstand. De rechtsgevolgen van het besluit bleven in stand. Het college werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht aan appellant.
De uitspraak benadrukt het belang van een duidelijke en kenbare belangenafweging bij bestuursbesluiten en bevestigt de beleidsruimte van het college bij locatiekeuze, mits deze zorgvuldig wordt gemotiveerd.
Uitkomst: Het besluit tot aanwijzing van locatie OG0080 voor een ondergrondse restafvalcontainer wordt vernietigd wegens het ontbreken van een kenbare belangenafweging.