ECLI:NL:RVS:2019:1023
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak over terugvordering kinderopvangtoeslag na betalingsregeling
De Belastingdienst/Toeslagen vorderde een bedrag van €14.765,00 aan teveel ontvangen voorschotten kinderopvangtoeslag over 2016 terug van de wederpartij. De rechtbank oordeelde dat de wederpartij aannemelijk had gemaakt dat haar partner voldoende uren had gewerkt en dat er een betalingsregeling bestond met het kinderopvangcentrum, waardoor het voorschot ten onrechte op nihil was gesteld en terugvordering onterecht was.
De Belastingdienst stelde in hoger beroep dat een betalingsregeling zonder concrete afspraken over betalingstermijnen niet volstaat voor toekenning van toeslag, omdat kosten tijdig voldaan moeten worden. De Raad van State oordeelde echter dat de wederpartij voldoende aannemelijk had gemaakt dat er een tijdige betalingsregeling was en dat zij een deel van de kosten tijdig had betaald.
Daarmee heeft de Raad van State het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd met verbetering van gronden. Tevens is de Belastingdienst veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het hoger beroep van de Belastingdienst wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.