ECLI:NL:RVS:2019:1342
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- J.E.M. Polak
- B.J. van Ettekoven
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing kinderopvangtoeslag wegens niet aantonen betaling kosten
Appellante heeft een aanvraag voor kinderopvangtoeslag over 2017 ingediend, welke door de Belastingdienst/Toeslagen op 29 april 2017 is afgewezen. Appellante maakte bezwaar tegen deze afwijzing, maar dit bezwaar werd ongegrond verklaard. Vervolgens verklaarde de rechtbank het beroep tegen het bezwaar niet-ontvankelijk en het beroep tegen het besluit ongegrond.
In hoger beroep betoogde appellante dat zij wel heeft aangetoond dat alle kosten voor kinderopvang zijn voldaan, maar de Raad van State oordeelde dat uit de bankafschriften blijkt dat bedragen die gelijk zijn aan de eigen bijdrage op dezelfde dag zijn teruggeboekt met omschrijvingen als 'foutieve boeking' en 'terugstorting'. Appellante kon niet aantonen dat deze terugboekingen privéonttrekkingen betreffen.
De Raad van State bevestigt daarom het oordeel van de rechtbank dat de Belastingdienst terecht het voorschot kinderopvangtoeslag op nihil heeft gesteld. Tevens veroordeelt de Raad de Belastingdienst tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellante.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de kinderopvangtoeslag bevestigd.