ECLI:NL:RVS:2019:1447
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen plaatsing ondergrondse restafvalcontainers in Den Haag
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag stelde op 19 februari 2019 het definitieve plaatsingsplan vast voor ondergrondse restafvalcontainers (ORAC's) in de Vruchtenbuurt, waaronder twee containers op locatie 53-13 nabij de woning van verzoekster.
Verzoekster stelde dat deze plaatsing negatieve gevolgen heeft voor de waarde van haar woning en de leefbaarheid, en dat het college alternatieve locaties onvoldoende serieus heeft overwogen. Zij stelde onder meer de middenberm van de Appelstraat voor als realistisch alternatief.
Het college reageerde dat de alternatieven niet geschikt waren vanwege langere loopafstanden, aanwezigheid van bomen, benodigde vrije hoogte en het opofferen van parkeerplaatsen. Ter zitting werd bevestigd dat andere alternatieven ook niet geschikter zijn.
De voorzieningenrechter oordeelde dat er geen reden is om het verzoek om een voorlopige voorziening toe te wijzen en wees het verzoek af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het plaatsingsbesluit van ondergrondse restafvalcontainers wordt afgewezen.