ECLI:NL:RVS:2019:1451
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Vernietiging intrekking vergunningen eetcafé wegens onjuiste gronden en handhaving bezwaar
De burgemeester van Meierijstad trok op 15 november 2016 de Apv-vergunningen van een eetcafé in, onder meer vanwege strafrechtelijke veroordelingen van de exploitant en een incident waarbij hij politieagenten mishandelde. De intrekking werd gehandhaafd bij besluit van 2 november 2017 en bevestigd door de rechtbank, maar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State verklaarde het hoger beroep gegrond en vernietigde deze besluiten.
De Afdeling oordeelde dat het incident geen categorie 0-overtreding was zoals door de burgemeester gesteld en dat het levensgedrag van de exploitant niet als intrekkingsgrond in de Apv Veghel stond vermeld. Bij een nieuw besluit van 4 februari 2019 handhaafde de burgemeester alsnog de intrekking, maar ook dit besluit werd door de voorzieningenrechter vernietigd omdat de intrekking niet op juiste wettelijke gronden was gebaseerd.
De voorzieningenrechter verklaarde het beroep gegrond, herroept het oorspronkelijke besluit en wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af. Tevens werd de burgemeester veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. Het verzoek om schadevergoeding werd ingetrokken na een schikking.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot intrekking van de Apv-vergunningen wordt vernietigd en herroepen.