ECLI:NL:RVS:2019:1545
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- E. Helder
- P.B.M.J. Van der Beek-Gillessen
- J. Kramer
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan en omgevingsvergunning herontwikkeling Leeuwbierterrein Valkenburg
De zaak betreft het bestemmingsplan 'Partiële herziening BP Kernen 2010 - Herontwikkeling Leeuwbierterrein' vastgesteld op 11 december 2017 en de daarop volgende omgevingsvergunning verleend op 2 januari 2018 voor het bouwen van drie gebouwen op het terrein. Appellanten voerden onder meer aan dat het plan het woon- en leefklimaat aantast door verkeers- en wateroverlast, geluidshinder en onduidelijkheden over de bestemming van de visvijver.
De Raad van State oordeelde dat appellanten belanghebbenden zijn en dat het bestemmingsplan en de omgevingsvergunning gecoördineerd zijn voorbereid. De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat de raad zich redelijkerwijs op het standpunt kon stellen dat er geen parkeeroverlast, onaanvaardbare geluidshinder of insectenoverlast zou ontstaan. Wel concludeerde de Afdeling dat het verkeerskundig onderzoek onvoldoende representatief was en dat de waterhuishoudkundige effecten niet met de vereiste zorgvuldigheid waren onderzocht.
Daarom werd het bestemmingsplan en de omgevingsvergunning vernietigd wegens strijd met artikel 3:2 Awb Pro. Na aanvullend onderzoek en maatregelen achtte de Afdeling het mogelijk de rechtsgevolgen van de besluiten in stand te laten. Tevens werden de gemeente en het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellanten.
Uitkomst: Bestemmingsplan en omgevingsvergunning vernietigd wegens onvoldoende zorgvuldigheid, maar rechtsgevolgen blijven in stand.