Uitspraak
Datum uitspraak: 15 mei 2019
BESTUURSRECHTSPRAAK
voorzitter griffier
Raad van State
Appellanten hebben bezwaar gemaakt tegen handhavingsbesluiten van het college van burgemeester en wethouders van Veldhoven betreffende gebreken in de brandcompartimentering van hun appartementencomplex. Het college had een last onder dwangsom opgelegd aan de Vereniging van Eigenaren (VvE) om gebreken te herstellen, met name rondom de zogenoemde ingestorte pot en leidingschachten.
Appellanten betoogden dat ondanks de aangebrachte afdichtingen de brandveiligheid onvoldoende is, onder meer vanwege mogelijke open verbindingen en onduidelijkheid over de aanwezigheid van een anhydrietvloer die brandwerendheid moet garanderen. Zij stelden dat destructief onderzoek noodzakelijk is om de brandveiligheid te waarborgen.
De rechtbank oordeelde dat het college terecht heeft afgezien van nader destructief onderzoek, mede op basis van adviezen van de veiligheidsregio en Bureau Veritas, die aangeven dat de brandwerendheid van 60 minuten wordt gehaald. De Raad van State bevestigt dit oordeel en verklaart het hoger beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.