Uitspraak
Datum uitspraak: 29 mei 2019
BESTUURSRECHTSPRAAK
voorzitter griffier
Raad van State
Het college van burgemeester en wethouders van Noord-Beveland stelde op 31 oktober 2017 het wijzigingsplan Domein het Camperveer vast, dat voorziet in de ontwikkeling van een landgoed met een hoofdgebouw met tien appartementen en vijftien recreatiewoningen. Diverse omwonenden en belanghebbenden dienden beroep in tegen dit besluit en het gewijzigde besluit van 3 april 2018.
De Raad van State oordeelde dat een aantal appellanten geen rechtstreeks belang hadden bij het besluit vanwege afstand tot het plangebied en gebrek aan zicht, waardoor hun beroepen niet-ontvankelijk werden verklaard. De overige beroepen werden inhoudelijk getoetst. De Afdeling concludeerde dat het college het wijzigingsplan binnen de wettelijke kaders en het provinciale beleid had vastgesteld, met voldoende onderbouwing van de regionale behoefte en passende toepassing van het landgoederenbeleid.
Daarnaast werd geoordeeld dat de bezwaren over verkeersoverlast, schaduwwerking, vooringenomenheid en watertoets onvoldoende waren onderbouwd of niet tot schending van het recht leidden. Het wijzigingsplan voldoet aan de relevante planregels en randvoorwaarden, en de Afdeling verklaarde de beroepen tegen het besluit van 3 april 2018 ongegrond, waarbij het plan onherroepelijk werd. Proceskosten werden deels toegewezen.
Uitkomst: Beroepen tegen het wijzigingsplan van 31 oktober 2017 niet-ontvankelijk; beroepen tegen het besluit van 3 april 2018 ongegrond verklaard; plan onherroepelijk.