ECLI:NL:RVS:2019:1909
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen verplichting tot nieuw besluit verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft op 14 maart 2017 een aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afgewezen. Na een aanvullend besluit en een tussenuitspraak van de rechtbank, waarin de staatssecretaris werd verzocht een gebrek in het besluit te herstellen, heeft de staatssecretaris aangegeven hier geen gebruik van te maken. De rechtbank heeft vervolgens op 9 april 2019 het beroep van de vreemdeling gegrond verklaard, de besluiten vernietigd en bepaald dat de staatssecretaris binnen tien weken een nieuw besluit moet nemen.
De staatssecretaris heeft hiertegen hoger beroep ingesteld en tegelijkertijd verzocht om een voorlopige voorziening om te voorkomen dat hij het nieuwe besluit al moet uitvoeren voordat het hoger beroep is beslist. De voorzieningenrechter heeft het verzoek van de staatssecretaris als kennelijk gegrond beoordeeld en een voorlopige voorziening getroffen waardoor de staatssecretaris niet verplicht is het nieuwe besluit te nemen totdat het hoger beroep is afgerond.
De uitspraak is gedaan op 14 juni 2019 door de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, waarbij geen proceskostenveroordeling is opgelegd.
Uitkomst: De staatssecretaris hoeft in afwachting van het hoger beroep geen nieuw besluit te nemen op de aanvraag verblijfsvergunning asiel.