ECLI:NL:RVS:2019:2022
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit niet-ontvankelijkheid Kunstenbond inzake subsidie Stichting Artamuse
Het college van burgemeester en wethouders van Sittard-Geleen verleende in 2016 en 2017 budgetsubsidies aan Stichting Artamuse voor muziek- en dansonderwijs, maar wees subsidieaanvragen voor cultuureducatie en reorganisatiekosten af. De Kunstenbond maakte bezwaar tegen deze besluiten, maar het college verklaarde deze bezwaren niet-ontvankelijk omdat de Kunstenbond volgens het college geen belanghebbende was.
De rechtbank Limburg bevestigde dit oordeel en verklaarde het beroep van de Kunstenbond ongegrond of niet-ontvankelijk. De Kunstenbond stelde hoger beroep in bij de Raad van State en voerde aan dat hij wel als belanghebbende moet worden aangemerkt omdat hij opkomt voor een collectief belang van zijn leden die door de besluiten rechtstreeks worden geraakt in hun fundamentele recht op arbeid.
De Raad van State oordeelde dat de Kunstenbond inderdaad een collectief belang behartigt en dat de belangen van de bij hem aangesloten medewerkers van Stichting Artamuse door de subsidiebesluiten rechtstreeks kunnen worden geraakt, mede gezien het grote aandeel personeelskosten in de begroting en het feit dat tijdelijke contracten niet werden verlengd.
Daarom is het college ten onrechte tot niet-ontvankelijkheid van de Kunstenbond in zijn bezwaren gekomen. De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd, het beroep van de Kunstenbond wordt alsnog gegrond verklaard en het college wordt opgedragen nieuwe besluiten te nemen. Tegen deze nieuwe besluiten kan alleen bij de Afdeling bestuursrechtspraak beroep worden ingesteld.
Uitkomst: De Raad van State verklaart het hoger beroep van de Kunstenbond gegrond en vernietigt het besluit van het college dat de bezwaren niet-ontvankelijk verklaarde.