ECLI:NL:RVS:2019:2144
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen locatieplan ondergrondse restafvalcontainers in Hoogland
Het college van burgemeester en wethouders van Amersfoort stelde op 4 september 2018 een locatieplan vast voor de plaatsing van ondergrondse restafvalcontainers (ORAC’s) in de wijk Hoogland, waaronder een container nabij de woning van appellant. Appellant maakte bezwaar tegen deze locatie vanwege mogelijke overlast door huisvuilzakken, zwerfafval, geluidshinder door passerende jeugd, geurhinder en brandgevaar.
Het college verwees naar pilots en onderzoeken waaruit bleek dat zwerfafval en geluidsoverlast bij ORAC’s minimaal zijn, en dat het dynamische ledigingssysteem en inzet van een afvalcoach hinder moeten voorkomen. Ook werd toegelicht dat geurhinder beperkt is omdat het om restafval gaat en de containers regelmatig worden schoongemaakt. Brandgevaar werd als zeer gering ingeschat vanwege het ontwerp van de container.
Appellant stelde alternatieve locaties voor, maar het college wees deze af vanwege verkeerssituaties en de aanwezigheid van kabels en leidingen. De Raad van State oordeelde dat het college voldoende belangen heeft afgewogen en dat appellant onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de alternatieve locaties geschikter zijn. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het locatieplan voor de plaatsing van de ORAC nabij de woning van appellant wordt ongegrond verklaard.