ECLI:NL:RVS:2019:2372
Raad van State
- Hoger beroep
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over niet-tijdig besluit 24-uursopvang vreemdeling
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam had de vreemdeling bij brief van 10 november 2016 meegedeeld dat zij niet in aanmerking kwam voor de 24-uursopvang in de Bed-, Bad- en Broodvoorziening. De vreemdeling maakte bezwaar tegen dit besluit, dat het college bij besluit van 10 februari 2017 ongegrond verklaarde. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond, vernietigde het besluit en bepaalde dat het college binnen zes weken opnieuw een besluit moest nemen.
Het college stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak, maar het hoger beroep werd door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State als kennelijk ongegrond verworpen. De Afdeling bevestigde de uitspraak van de rechtbank en oordeelde dat het college niet tijdig een nieuw besluit op het bezwaar had genomen, wat gelijkstaat aan het niet tijdig nemen van een besluit en vernietigd moet worden.
De Afdeling bepaalde dat het college binnen twee weken een nieuw besluit moet nemen en legde een dwangsom van € 100 per dag op met een maximum van € 15.000. Tevens stelde de Afdeling de reeds verbeurde dwangsom vast op € 1.442. Tot slot veroordeelde de Afdeling het college tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling ad € 768, toe te rekenen aan rechtsbijstand door een derde.
Uitkomst: Het hoger beroep van het college wordt afgewezen en het college wordt verplicht binnen twee weken een besluit te nemen en een dwangsom te betalen.