ECLI:NL:RVS:2019:2549
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- H. Troostwijk
- H.J.M. Baldinger
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot uitbreiding kindplaatsen buitenschoolse opvang wegens niet voldoen aan registratievereisten
De Dikkedeur Kralingen B.V. heeft bij het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam een verzoek ingediend om het aantal kindplaatsen van haar kindercentrum voor buitenschoolse opvang te wijzigen van 40 naar 50. Het college wees dit verzoek af omdat de uitbreiding plaatsvindt op een ander adres dan het geregistreerde kindercentrum en de toezichthouder geen inspectie kon uitvoeren om naleving van wet- en regelgeving te verifiëren.
De rechtbank verklaarde het beroep van De Dikkedeur tegen dit besluit ongegrond, waarna De Dikkedeur hoger beroep instelde bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigde het oordeel van de rechtbank. Zij oordeelde dat het college terecht het verzoek als wijzigingsverzoek heeft aangemerkt en dat er geen sprake is van een onverwijlde registratieplicht zonder discretionaire bevoegdheid.
Verder werd geoordeeld dat de uitbreiding op een ander adres niet binnen de bestaande registratie valt, omdat er geen interne doorgang is tussen de locaties en elk opvangadres afzonderlijk geregistreerd moet zijn. De aanwijzing om een inspectierapport te publiceren op de website werd eveneens in stand gelaten. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het verzoek tot uitbreiding van kindplaatsen bevestigd.