ECLI:NL:RVS:2019:255
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van gedeeltelijke tegemoetkoming in planschade na wijziging bestemmingsplan N201-Zijdelweg
Appellant kocht in 2001 een woning nabij de N201-Zijdelweg en vroeg in 2014 een tegemoetkoming in planschade aan vanwege waardedaling door een nieuw bestemmingsplan dat een half klaverblad realiseert nabij zijn perceel.
Het college kende een tegemoetkoming van €4.550 toe, gebaseerd op advies van De Bont, die stelde dat de schade gedeeltelijk voorzienbaar was en daarom de helft van de schade voor appellant bleef. De rechtbank vernietigde het collegebesluit wegens onvoldoende motivering, waarna het college een nadere motivering gaf.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat de voorzienbaarheid van de schade moet worden beoordeeld aan de hand van openbaar gemaakte beleidsvoornemens ten tijde van aankoop. De Bont heeft in aanvullend advies toegelicht dat de aanleg van de N201 als gegeven werd beschouwd en dat alleen de aanleg van de kruising deels onvoorzienbaar was.
De Afdeling vindt het college terecht uitgegaan van gedeeltelijke voorzienbaarheid en dat het redelijk is de helft van de schade voor appellant te laten. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de helft van de planschade blijft voor rekening van appellant.