ECLI:NL:RVS:2019:275
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J.C. Kranenburg
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen weigering ontgrondingenvergunning voor vijver
Het college van gedeputeerde staten van Utrecht heeft bij besluit van 16 juli 2018 geweigerd een ontgrondingenvergunning te verlenen voor een vijver op een perceel in Woudenberg. De aanvraag werd afgewezen omdat de ontgronding in strijd zou zijn met het bestemmingsplan.
De verzoeker had de vijver zonder vergunning gegraven en kreeg eerder een last onder dwangsom opgelegd om de overtreding te beëindigen. Hij stelde beroep in tegen het weigeren van de vergunning en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening, zodat de vijver niet gedempt hoeft te worden.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het college terecht stelde dat de verzoeker aan de eerdere last onder dwangsom had voldaan en dat er geen spoedeisend belang was om de voorlopige voorziening toe te kennen. Het verzoek werd daarom afgewezen. Een proceskostenveroordeling werd niet opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de weigering van de ontgrondingenvergunning wordt afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang.