ECLI:NL:RVS:2019:2979
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening schorst urgentieverklaring aanvrager tegen besluit college Amstelveen
Het college van burgemeester en wethouders van Amstelveen wees op 3 augustus 2018 de aanvraag van een urgentieverklaring door een inwoner van Amstelveen af. Na een bezwaarprocedure verklaarde het college het bezwaar ongegrond. De rechtbank Amsterdam vernietigde het besluit van het college en bepaalde dat het college een urgentieverklaring moest verlenen.
Het college stelde hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening om de uitspraak van de rechtbank te schorsen. De voorzieningenrechter behandelde het verzoek op 15 augustus 2019 en oordeelde dat nader onderzoek in de bodemprocedure nodig is, omdat de nieuwe gronden van het college kort voor de zitting waren ingediend en de wederpartij onvoldoende gelegenheid had gehad hierop te reageren.
De voorzieningenrechter vond dat niet op voorhand vaststaat dat de uitspraak van de rechtbank in stand zal blijven en dat het college verplicht was een urgentieverklaring te verlenen. Gezien het feit dat het verstrekken van een urgentieverklaring onomkeerbare gevolgen kan hebben en dat de wederpartij niet hoefde te verhuizen, werd het verzoek om voorlopige voorziening toegewezen. De uitspraak van de rechtbank werd geschorst voor zover het college werd opgedragen de urgentieverklaring te verlenen.
Uitkomst: De uitspraak van de rechtbank wordt geschorst voor zover het college wordt opgedragen een urgentieverklaring te verlenen.