ECLI:NL:RVS:2019:3311
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitkering schadefonds geweldsmisdrijven bij letselcategorie 3 na langdurig huiselijk geweld
Appellante heeft een uitkering uit het schadefonds geweldsmisdrijven ontvangen van €5.000, toegekend op basis van letselcategorie 3 vanwege langdurig huiselijk geweld en de daaruit voortvloeiende fysieke en psychische klachten.
Zij stelde dat zij recht had op een hogere uitkering omdat zij een ernstige complexe psychische stoornis heeft, onderbouwd met medische rapportages van haar psycholoog. De commissie Schadefonds Geweldsmisdrijven (CSG) en haar medisch adviseur concludeerden echter dat de rapportages onvoldoende bewijs leverden voor een complexe psychische stoornis met ernstige langdurige beperkingen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Raad van State bevestigt deze uitspraak. De CSG mocht de uitkering baseren op letselcategorie 3, aangezien niet is gebleken dat appellante voldoet aan de criteria voor letselcategorie 4, die complex psychisch letsel vereist met langdurige behandeling en ernstige beperkingen.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitkering van €5.000 op basis van letselcategorie 3 wordt bevestigd.