ECLI:NL:RVS:2019:3402
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.J. Borman
- H. Troostwijk
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen omgevingsvergunning voor agrarisch bedrijf met educatieve viskwekerij en nevenactiviteiten
Het college van burgemeester en wethouders van Oirschot verleende meerdere omgevingsvergunningen aan een vergunninghouder voor het veranderen en in werking hebben van een agrarisch bedrijf met een educatieve viskwekerij, toeristenpoort, akker- en bosbouwbedrijf, kleinschalige zorg en een groepsaccommodatie op een perceel te Oirschot. De omwonenden, appellanten, stelden beroep in tegen deze besluiten omdat zij meenden dat het college niet bevoegd was de vergunning te verlenen en onvoldoende rekening had gehouden met hun belangen.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de educatieve viskwekerij als hoofdfunctie op het perceel geldt en dat de nevenactiviteiten zoals de groepsaccommodatie en zorgverlening daaraan ondergeschikt zijn en binnen de toegestane oppervlakte vallen. Het college heeft de belangenafweging zorgvuldig gemaakt en de belangen van de vergunninghouder mochten zwaarder wegen dan die van de appellanten. Voorts zijn voorschriften verbonden aan de vergunning ter beperking van overlast.
De Afdeling zag geen grond voor het oordeel dat het college onrechtmatig heeft gehandeld of dat de vergunning onrechtmatig is verleend. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning wordt ongegrond verklaard en de vergunning wordt bevestigd.