ECLI:NL:RVS:2019:3466
Raad van State
- Hoger beroep
- B.P.M. van Ravels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging omgevingsvergunning voor uitbouw twee-onder-één kapwoning te Zeist
Het college van burgemeester en wethouders van Zeist verleende op 1 mei 2017 een omgevingsvergunning aan de vergunninghouder voor het uitbouwen van de achterzijde van een twee-onder-één kapwoning op een perceel te Zeist. De appellant, bewoner van de andere woning, maakte bezwaar tegen deze vergunning, stellende dat het bouwplan in strijd zou zijn met redelijke eisen van welstand en het bestemmingsplan. Het college verklaarde het bezwaar ongegrond en de rechtbank bevestigde dit oordeel.
De appellant stelde in hoger beroep dat het bouwplan niet aan de criteria van de welstandsnota voldoet en dat het in strijd is met het bestemmingsplan. De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat deze grond niet eerder bij de rechtbank was aangevoerd en daarom buiten beschouwing moest blijven. Verder werd geoordeeld dat het college terecht het positieve welstandsadvies van de welstandscommissie aan zijn oordeel ten grondslag heeft gelegd, aangezien het bouwplan voldoet aan de gebiedscriteria van de welstandsnota.
Ten slotte wees de Afdeling het betoog van de appellant dat het bouwplan niet overeenkomstig de vergunning is gerealiseerd af, omdat dit een handhavingskwestie betreft die in deze procedure niet aan de orde is. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.