ECLI:NL:RVS:2019:3494
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G.T.J.M. Jurgens
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen aanwijzing locatie ondergrondse afvalcontainer nabij natuurgebied
Het college van burgemeester en wethouders van Zaanstad heeft bij besluit van 16 oktober 2018 een locatie aangewezen voor de plaatsing van een ondergrondse container voor huishoudelijk restafval (OAC). Buurtbewoners, waaronder appellant, maakten bezwaar vanwege mogelijke geluidsoverlast, verkeersdrukte en negatieve effecten op het nabijgelegen Natura 2000-gebied Polder Westzaan (Guisveld).
De bewoners stelden dat het college het besluit niet zorgvuldig had voorbereid, onder meer vanwege onvoldoende schriftelijke reacties op zienswijzen en het niet voorleggen van alternatieve locaties aan andere buurtbewoners. Het college had echter schriftelijk en mondeling gereageerd op de ingebrachte zienswijzen en alternatieven gemotiveerd afgewezen.
De Raad van State oordeelde dat het college de locatie in redelijkheid had kunnen aanwijzen. Het college had onderbouwd dat geluidshinder en zwerfafval binnen aanvaardbare grenzen blijven en dat de verkeersbewegingen niet toenemen ten opzichte van de vorige situatie. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de locatieaanwijzing voor de ondergrondse afvalcontainer wordt ongegrond verklaard.