ECLI:NL:RVS:2019:35
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- B.P. Vermeulen
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Vernietiging weigering ontheffing parkeerverbod Spaanse Polder wegens rechtsgevolg te late beslissing
Riksha B.V. exploiteert een autoschadebedrijf in het industriegebied Spaanse Polder te Rotterdam en parkeerde tot 2012 maximaal twaalf voertuigen op de openbare weg vanwege gebrek aan eigen terrein. Het college Rotterdam stelde een parkeerverbod in voor bedrijven die voertuigen stallen, herstellen of verhandelen, en wees een aanvraag van Riksha voor ontheffing van dit verbod af.
De rechtbank verklaarde het beroep van Riksha ongegrond, stellende dat de ontheffing geen vergunning in de zin van de Dienstenwet is en dat het college de weigering redelijk kon motiveren. Riksha ging in hoger beroep en betoogde dat de ontheffing van rechtswege was verleend omdat het college niet tijdig had beslist, en dat het parkeerverbod wel degelijk een vergunning in de zin van de Dienstenwet betreft.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het parkeerverbod specifiek gericht is op bedrijven die voertuigen stallen en daarmee een eis vormt in de zin van de Dienstenwet en -richtlijn. Omdat het college niet tijdig op de aanvraag heeft beslist, is de ontheffing van rechtswege verleend. Het college was daardoor niet meer bevoegd om de aanvraag af te wijzen. De Afdeling vernietigde de eerdere uitspraak en het besluit van het college en bepaalde dat het college binnen twee weken de beschikking van rechtswege bekend moet maken en proceskosten moet vergoeden.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak vernietigt het besluit van het college en verklaart de ontheffing van rechtswege verleend wegens het niet tijdig beslissen.