ECLI:NL:RVS:2019:3572
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Helder
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit niet-ontvankelijkheid bezwaar en toekenning proceskostenvergoeding
Appellante maakte bezwaar tegen het besluit van de Belastingdienst/Toeslagen om het voorschot zorgtoeslag en kindgebonden budget over 2016 op nihil te stellen. Dit bezwaar werd niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Afdeling bestuursrechtspraak vernietigt deze uitspraak en de besluiten van 4 en 18 december 2017.
De Afdeling oordeelt dat het besluit van 2 juni 2017 niet op de voorgeschreven wijze bekend is gemaakt, omdat het uitsluitend digitaal aan de berichtenbox van MijnOverheid is verzonden en niet per post. Hierdoor is de bezwaartermijn niet aangevangen en was het bezwaar terecht ingediend. Tevens is sprake van een kennelijke verschrijving in het besluit van 18 december 2017, dat betrekking heeft op het kindgebonden budget 2016 en niet 2017.
De Afdeling herroept het besluit van 2 juni 2017, verklaart het bezwaar gegrond en beveelt de Belastingdienst tot vergoeding van de proceskosten van appellante, inclusief het griffierecht. Hiermee treedt de uitspraak in de plaats van de vernietigde besluiten.
Uitkomst: Het bezwaar tegen het besluit van 2 juni 2017 wordt gegrond verklaard, het besluit wordt herroepen en de Belastingdienst wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.