ECLI:NL:RVS:2019:3577
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G.T.J.M. Jurgens
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroepen tegen vaststelling bestemmingsplan Buitengebied Zederik
De Raad van State behandelde beroepen van twee appellanten tegen besluiten van de gemeenteraad van Zederik (thans Vijfheerenlanden) omtrent het bestemmingsplan Buitengebied Zederik. Het beroep tegen het besluit van 29 juni 2015 werd niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding. De beroepen tegen het reparatieplan van 19 november 2018 werden inhoudelijk beoordeeld en ongegrond verklaard.
Appellant sub 1 voerde onder meer aan dat de procedure over het eerdere bestemmingsplan nog niet was afgerond en dat de terinzagelegging gebrekkig was. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de eerdere procedure wel was afgerond en dat de vermeende gebrekkige terinzagelegging geen grond voor vernietiging vormde. Materiële bezwaren tegen het plan werden niet onderbouwd en faalden.
Appellant sub 2 stelde dat een uitsterfregeling voor permanente bewoning van zijn recreatiewoning op Parc Merwede ten onrechte ontbrak. De raad had vastgesteld dat het gebruik voor permanente bewoning niet onder het overgangsrecht viel omdat onvoldoende bewijs was geleverd. De Afdeling vond dat de raad zich redelijk op dit standpunt kon stellen en dat permanente bewoning op Parc Merwede niet wenselijk werd geacht. Beide beroepen tegen het reparatieplan werden ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het bestemmingsplan van 2015 is niet-ontvankelijk en de beroepen tegen het reparatieplan van 2018 zijn ongegrond verklaard.