ECLI:NL:RVS:2019:3645
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- N. Verheij
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bestuurlijke boete voor manipulatie tachograaf in wegvervoer
De minister van Infrastructuur en Waterstaat legde aan appellante een bestuurlijke boete van €4.400,- op omdat een vrachtwagen, gebruikt voor vervoerswerkzaamheden, was uitgerust met een voorziening waarmee de tachograaf kon worden gemanipuleerd. Na bezwaar en beroep bij de rechtbank werd het besluit bevestigd.
Appellante stelde in hoger beroep dat het bewijs onrechtmatig was verkregen en onvoldoende was om een gegrond vermoeden van fraude vast te stellen, met name omdat een afwijkend stroomverbruik niet voldoende aanwijzing zou zijn. De Raad van State oordeelde echter dat de inspecteur bevoegd was om het voertuig door te verwijzen voor nader onderzoek, omdat het gemeten stroomverbruik significant hoger was dan gebruikelijk en ondersteund werd door expertise uit een Europese werkgroep.
De Raad van State verwierp het beroep en bevestigde het eerdere oordeel dat het bewijs niet onrechtmatig was verkregen en dat de boete terecht was opgelegd. Er waren geen omstandigheden die matiging van de boete rechtvaardigden. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de bestuurlijke boete van €4.400,- blijft gehandhaafd.