ECLI:NL:RVS:2019:4189
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vergunningvoorschrift geluid bij incidentele bedrijfssituatie varkenshouderij
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft op 11 december 2019 uitspraak gedaan in een zaak over een omgevingsvergunning voor een varkenshouderij te Sevenum. Eerder was de vergunning voor de incidentele bedrijfssituatie vernietigd, waarna het college een nieuw besluit nam over de vergunning en het geluidvoorschrift 3.2.2.5. Tegen dit besluit werd beroep ingesteld door twee appellanten.
De Afdeling oordeelde dat het college terecht een nieuw besluit nam dat zich beperkte tot de incidentele bedrijfssituatie. Een door Tritium opgesteld geluidrapport toonde aan dat bij maximaal 12 mesttransporten per jaar de geluidbelasting op nabijgelegen woningen licht hoger is dan de reguliere grenswaarden, met name bij nachtelijke transporten. Het college achtte deze geluidniveaus acceptabel en motiveerde de noodzaak van nachtelijke transporten vanwege logistieke en economische redenen.
Een appellant betoogde dat het college onvoldoende had gemotiveerd waarom nachtelijke transporten nodig zijn en dat het voorschrift niet nageleefd kan worden. De Afdeling vond de berekeningen van mest- en spuiwaterafvoer voldoende en achtte de motivering van het college aannemelijk. Wel werd geoordeeld dat in voorschrift 3.2.2.5 ten onrechte werd afgeweken van grenswaarden voor het maximale geluidniveau, terwijl dit alleen voor het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau mocht.
Daarom werd het beroep van appellant 1 ongegrond verklaard, het beroep van appellant 2 gegrond verklaard en het besluit van 15 oktober 2018 vernietigd voor zover het voorschrift 3.2.2.5 onjuist vermeldde dat ook werd afgeweken van voorschrift 3.2.2.3. Het college werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellant 2.
Uitkomst: Besluit vergunning geluidvoorschrift deels vernietigd wegens onjuiste verwijzing, proceskosten aan appellant toegekend.