ECLI:NL:RVS:2019:4255
Raad van State
- Herziening
- F.C.M.A. Michiels
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herziening en vervallenverklaring uitspraak planschade bestemmingsplan
Appellant verzocht de Afdeling bestuursrechtspraak om herziening of vervallenverklaring van haar uitspraak van 25 april 2018, waarin het hoger beroep tegen een uitspraak van de rechtbank Den Haag over planschade door het bestemmingsplan "Bezuidenhoutseweg 30 t/m 216" ongegrond werd verklaard.
Appellant stelde dat het college van burgemeester en wethouders van Den Haag ten onrechte had geoordeeld dat hij het planologisch nadeel had aanvaard, en verwees naar een voorbereidingsbesluit uit 2007 dat volgens hem niet was meegewogen. De Afdeling oordeelde echter dat appellant op de hoogte was van het bestemmingsplan en geen concrete pogingen had ondernomen om bouwmogelijkheden te benutten, wat redelijkerwijs van hem verwacht mocht worden.
De Afdeling benadrukte dat het verzoek tot herziening alleen kan worden toegewezen bij nieuwe feiten of omstandigheden die voorheen niet bekend waren en tot een andere uitspraak zouden leiden. Aangezien appellant bekend was met het voorbereidingsbesluit en geen nieuwe feiten aanvoerde, werd het verzoek afgewezen.
Ook voor vervallenverklaring geldt een hoge drempel, namelijk evidente en niet voor rectificatie vatbare fouten. De Afdeling zag geen dergelijke fouten in haar eerdere uitspraak en wees het verzoek af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening en vervallenverklaring van de uitspraak wordt afgewezen.