ECLI:NL:RVS:2019:4311
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- G.M.H. Hoogvliet
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen verlenging opsporingsvergunning Hemelum
Bij besluit van 1 september 2017 verlengde de minister van Economische Zaken en Klimaat de geldigheidsduur van de opsporingsvergunning koolwaterstoffen Hemelum aan Vermilion Energy Netherlands B.V. Het college van burgemeester en wethouders van De Fryske Marren maakte hiertegen bezwaar, maar diende dit pas op 8 januari 2018 in, na afloop van de wettelijke termijn.
De minister verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding, wat door de rechtbank werd bevestigd. Het college stelde hoger beroep in tegen deze beslissing en voerde aan dat de termijnoverschrijding verschoonbaar was vanwege late publicatie in de Staatscourant en onvoldoende informatievoorziening.
De Raad van State oordeelde dat de bekendmaking aan de aanvrager correct had plaatsgevonden en dat de mededeling in de Staatscourant, hoewel laat, niet in strijd was met de Mijnbouwwet. De termijn voor bezwaar begon daarom te lopen vanaf de publicatie, en het college had binnen twee weken na publicatie bezwaar kunnen maken. Het college kon zich niet beroepen op onvoldoende kennisname of gebrekkige informatievoorziening. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar bevestigd.