ECLI:NL:RVS:2019:463

Raad van State

Datum uitspraak
15 februari 2019
Publicatiedatum
18 februari 2019
Zaaknummer
201700933/2/A3
Instantie
Raad van State
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Wraking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:15 AwbArt. 3 Wrakingsregeling bestuursrechterlijke colleges 2013
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beslissing op wrakingsverzoek tegen staatsraden in bestuursrechtelijke zaak

In deze zaak heeft verzoeker bij de Raad van State een wrakingsverzoek ingediend tegen drie staatsraden die betrokken waren bij de behandeling van een bestuursrechtelijke zaak. Het verzoek was gericht op het aantonen van mogelijke partijdigheid van de rechters.

De Afdeling bestuursrechtspraak overweegt dat op grond van artikel 8:15 van Pro de Algemene wet bestuursrecht een wrakingsverzoek moet worden ingediend voordat de einduitspraak in de hoofdzaak is gedaan. In deze zaak was de einduitspraak reeds op 2 mei 2018 openbaar gemaakt, terwijl het wrakingsverzoek pas op 5 september 2018 bij de Raad van State binnenkwam.

Gezien deze feiten en de toepasselijke wrakingsregeling bestuursrechterlijke colleges 2013, besluit de Afdeling het verzoek om wraking zonder zitting buiten behandeling te laten. Dit betekent dat het verzoek niet inhoudelijk is beoordeeld, omdat het niet tijdig is ingediend.

Uitkomst: Het wrakingsverzoek wordt buiten behandeling gelaten wegens niet-tijdige indiening na de einduitspraak.

Uitspraak

201700933/2/A3.
Datum beslissing: 15 februari 2019
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Beslissing op het verzoek van:
[verzoeker], wonend te [woonplaats],
om wraking (artikel 8:15 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb)) van mr. H.G. Sevenster, mr. N. Verheij en mr. G.M.H. Hoogvliet (hierna samen: de staatsraden), als voorzitter onderscheidenlijk leden van de Afdeling bij de behandeling van zaak nr. 201700933/1/A3.
Procesverloop
Bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 5 september 2018, heeft [verzoeker] verzocht om wraking van de staatsraden bij de behandeling van zaak nr. 201700933/1/A3.
Overwegingen
1.    Op verzoek van een partij kan ingevolge artikel 8:15 van Pro de Awb elk van de rechters die een zaak behandelen, worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.
Volgens artikel 3, tweede lid, aanhef en onder a, van de Wrakingsregeling bestuursrechterlijke colleges 2013 kan de wrakingskamer zonder daartoe een zitting te houden beslissen een verzoek om wraking niet in behandeling te nemen indien het verzoek is gedaan nadat in de hoofdzaak de einduitspraak openbaar is gemaakt.
2.    De einduitspraak in zaak nr. 201700933/1/A3 is op 2 mei 2018 openbaar gemaakt. Uit artikel 8:15 van Pro de Awb volgt dat een verzoek om wraking moet worden gedaan voordat uitspraak is gedaan in de hoofdzaak. Nadat uitspraak is gedaan is de zaak immers niet langer bij de rechter of rechters in behandeling. Gelet hierop en op artikel 3, tweede lid, aanhef en onder a, van de Wrakingsregeling bestuursrechterlijke colleges 2013 wordt het verzoek zonder een zitting te houden buiten behandeling gelaten.
Beslissing
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
laat het verzoek buiten behandeling.
Aldus vastgesteld door mr. A.W.M. Bijloos, voorzitter, en mr. J.J. van Eck en mr. D.J.C. van den Broek, leden, in tegenwoordigheid van mr. M.V.T.K. Oei, griffier.
w.g. Bijloos    w.g. Oei
voorzitter    griffier
Uitgesproken in het openbaar op 15 februari 2019
670.