ECLI:NL:RVS:2019:464
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- G. van der Wiel
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering 24-uursopvang aan uitgeprocedeerde vreemdeling uit veilig land
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam heeft een uitgeprocedeerde vreemdeling geweigerd 24-uursopvang in de Bed-, Bad- en Broodvoorziening (BBB-voorziening) te bieden en hem slechts toegang gegeven tot de 17-uursopvang. De vreemdeling maakte bezwaar tegen deze beslissing, waarop de rechtbank het college op 9 mei 2018 aansprakelijk stelde om nader onderzoek te doen naar de medische kwetsbaarheid van de vreemdeling.
Het college stelde dat vanwege het aangescherpte beleid van 27 september 2017, waarbij vreemdelingen uit veilige landen worden uitgesloten van 24-uursopvang, geen medische beoordeling relevant was. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde echter dat voor de periode tussen 1 augustus en 27 september 2017 een medische beoordeling retrospectief noodzakelijk was en dat het college deze niet inzichtelijk had gemaakt.
Uiteindelijk heeft het college op 14 juni 2018 het bezwaar van de vreemdeling opnieuw ongegrond verklaard, met het argument dat het aangescherpte beleid ook geldt voor medisch kwetsbare vreemdelingen uit veilige landen. De Afdeling bevestigt deze beslissing, wijzend op het onverplichte karakter van de BBB-voorziening en het beleid dat opvang alleen bedoeld is voor vreemdelingen die deze behoeven.
De Afdeling verklaart het hoger beroep ongegrond, bevestigt de eerdere uitspraak en veroordeelt het college tot vergoeding van proceskosten aan de vreemdeling.
Uitkomst: Het hoger beroep van het college wordt ongegrond verklaard en de weigering van 24-uursopvang aan de vreemdeling uit een veilig land wordt bevestigd.