ECLI:NL:RVS:2019:660
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- A.B.M. Hent
- D.A. Verburg
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende aannemelijkheid risico terugkeer
De staatssecretaris wees de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank Den Haag vernietigde dit besluit en oordeelde dat de vreemdeling een reëel risico liep bij terugkeer naar Afghanistan, mede vanwege zijn kwetsbare situatie en mogelijke rekrutering door de Taliban.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak, stellende dat de vreemdeling onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij een reëel risico liep op behandeling in strijd met artikel 3 EVRM Pro. De Raad van State oordeelde dat de rechtbank was uitgegaan van niet nader onderbouwde aannames en dat de vreemdeling onvoldoende bewijs had geleverd voor het risico op rekrutering door de Taliban.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep van de staatssecretaris gegrond, het incidenteel hoger beroep van de vreemdeling ongegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling tegen de afwijzing van zijn asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd.