ECLI:NL:RVS:2019:800
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- E. Helder
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- J. Kramer
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan woningbouw Sevenum wegens onvoldoende motivering en bescherming bedrijfsvoering
De raad van de gemeente Horst aan de Maas stelde op 10 oktober 2017 het bestemmingsplan vast voor een woning op het perceel in Sevenum. Twee appellanten, waaronder een omwonende en een boomgaardexploitant, stelden beroep in tegen dit besluit. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelde de zaak op 22 november 2018 en deed uitspraak op 13 maart 2019.
De Afdeling oordeelde dat de raad in redelijkheid kon aannemen dat de woningbouw past binnen de regionale woningbehoefte en dat het plan niet in strijd is met provinciaal en gemeentelijk beleid. Wel stelde de Afdeling vast dat het bouwvlak te ruim was gemotiveerd, aangezien het drie keer groter was dan de vergunde woningoppervlakte, wat in strijd is met artikel 3:46 Awb Pro. Daarnaast was onvoldoende gemotiveerd waarom de afstand van 50 meter tussen boomgaard en gevoelige functies niet werd aangehouden, waardoor het woon- en leefklimaat en de bedrijfsvoering onvoldoende beschermd zijn.
De Afdeling vernietigde het bestemmingsplan wegens strijd met de artikelen 3:2 en 3:46 van de Algemene wet bestuursrecht en droeg de raad op binnen 26 weken een nieuw besluit te nemen met een aangepast bouwvlak en waarborging van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Tevens werd de raad veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan één van de appellanten.
Uitkomst: Het bestemmingsplan wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering van het bouwvlak en onvoldoende bescherming van de bedrijfsvoering; de raad moet binnen 26 weken een nieuw besluit nemen.