ECLI:NL:RVS:2019:826
Raad van State
- Hoger beroep
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Weigering omgevingsvergunning voor units buiten bouwvlak in strijd met beheersverordening
Appellant exploiteert een hotel-restaurant en vroeg om een omgevingsvergunning voor onbepaalde tijd voor units die deels buiten het bouwvlak liggen. Het college weigerde deze vergunning omdat het project in strijd is met de beheersverordening "Appelscha 2014" en ruimtelijk niet aanvaardbaar is.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Raad van State bevestigt deze uitspraak. De Afdeling oordeelt dat het college in redelijkheid tot zijn besluit heeft kunnen komen, waarbij het belang van het handhaven van het bouwvlak en het voorkomen van bebouwing buiten het bouwvlak ter bescherming van het woongenot van omwonenden zwaarwegend is.
Appellant voerde aan dat eerdere vergunningen voor bebouwing buiten het bouwvlak waren verleend en dat de financiële gevolgen voor zijn bedrijfsvoering zwaarwegend zijn, maar deze argumenten werden niet gevolgd. Ook het vertrouwen dat appellant stelde te hebben gekregen tijdens de procedure tot vaststelling van de beheersverordening werd niet geaccepteerd omdat dit slechts relevant is binnen die procedure zelf.
Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt bekrachtigd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van de omgevingsvergunning vanwege strijd met de beheersverordening en ruimtelijke onaanvaardbaarheid.