ECLI:NL:RVS:2019:89
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Onjuiste aanbieding oud papier naast container leidt tot kostenverhaal bestuursdwang
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag heeft op 13 november 2017 spoedeisende bestuursdwang toegepast door het verwijderen van een papieren tas met oud papier die naast een aangewezen container was achtergelaten. Omdat in de tas een poststuk met naam- en adresgegevens van appellant werd aangetroffen, werd appellant als overtreder van artikel 9 van Pro de Afvalstoffenverordening 2010 aangemerkt.
Appellant betwistte niet het achterlaten van de tas, maar stelde dat het oud papier bestemd was voor recycling en dat de container vol was, waardoor hij aannam dat het achterlaten naast de container tijdelijk acceptabel was. De Raad oordeelde dat dit niet afdoet aan de verplichting om afval volgens de regels aan te bieden en dat appellant terecht als overtreder is aangemerkt.
Verder voerde appellant aan dat het college ten onrechte kosten had verhaald en dat het bedrag van €126,00 buitenproportioneel hoog was. De Raad stelde vast dat het bedrag gebaseerd was op een redelijke kostenberekening voor het verwijderen, onderzoeken en administratief afhandelen van de bestuursdwang. Appellant kon niet aannemelijk maken dat het bedrag onredelijk was.
De Raad van State verklaarde het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af. Hiermee blijft het besluit van het college van B&W Den Haag in stand.
Uitkomst: Het beroep van appellant tegen het kostenverhaal voor bestuursdwang is ongegrond verklaard.