ECLI:NL:RVS:2019:983
Raad van State
- Hoger beroep
- J.J. van Eck
- E. Steendijk
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake afwijzing verzoek uitzetting achterwege te laten wegens medische omstandigheden
De staatssecretaris wees het verzoek van de vreemdeling af om uitzetting achterwege te laten op grond van medische noodzaak. De rechtbank verklaarde het bezwaar gegrond, stellende dat de vreemdeling mogelijk geen toegang heeft tot noodzakelijke medicijnen die exclusief via private apotheken verkrijgbaar zijn in Ghana, en dat nader onderzoek naar de kosten hiervan nodig was.
De staatssecretaris stelde in hoger beroep dat de vreemdeling onvoldoende bewijs had geleverd over de kosten en toegankelijkheid van de medicijnen. De Afdeling bestuursrechtspraak volgde dit standpunt en oordeelde dat de vreemdeling onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zij de kosten van de behandeling niet kan dragen of dat de medicijnen feitelijk onbereikbaar zijn.
De Afdeling benadrukte de hoge drempel voor toepassing van artikel 3 EVRM Pro bij uitzetting van ernstig zieke vreemdelingen, waarbij de bewijslast bij de vreemdeling ligt om een reëel risico aan te tonen. De vreemdeling kon niet aannemelijk maken dat zij geen hulp kan inschakelen om de medicijnen te verkrijgen, mede gelet op het feit dat zij familie in Ghana heeft.
Het beroep van de vreemdeling dat zij niet gehoord was in de bezwaarprocedure werd verworpen, omdat zij en haar gemachtigde hadden afgezien van een hoorzitting. De Afdeling verklaarde het hoger beroep van de staatssecretaris gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.