ECLI:NL:RVS:2020:1190
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.P.M. van Ravels
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen vaststelling bestemmingsplan Overhorsterweg II te Voorthuizen
De raad van de gemeente Barneveld stelde op 10 juli 2019 het bestemmingsplan "Overhorsterweg II, partiële herziening Buitengebied 2012" vast, waarin het perceel van een agrarisch loonbedrijf in Voorthuizen een definitie kreeg die de bestaande bedrijfsactiviteiten toestaat. Een omwonende, [appellante], stelde beroep in tegen dit besluit uit vrees voor uitbreiding van de bedrijfsactiviteiten en aantasting van haar woon- en leefklimaat.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State beoordeelde het plan aan de hand van de vraag of de raad zich in redelijkheid op het standpunt kon stellen dat het plan strekt ten behoeve van een goede ruimtelijke ordening. Diverse beroepsgronden werden behandeld, waaronder het ontbreken van een deugdelijk akoestisch onderzoek, verkeersaanzuigende werking, opslag van materialen, ontsluiting van het perceel, verspreiding van chemische stoffen en stikstofdepositie.
De Afdeling oordeelde dat het akoestisch onderzoek voldoende was onderbouwd en dat de raad terecht uitging van de door het loonbedrijf ingediende gegevens. Ook de verkeersbeoordeling en de ruimtelijke inpassing van opslag werden als redelijk beoordeeld. De vrees voor geluidsoverlast door een ontsluitingsweg werd weerlegd door de aanwezigheid van een werktuigenberging die het geluid dempt. Ten aanzien van milieubelastende stoffen en stikstofdepositie werd vastgesteld dat relevante milieumeldingen al waren beoordeeld en dat het Natura 2000-gebied niet binnen de directe woonomgeving lag, waardoor de appellant zich niet op de Wet natuurbescherming kon beroepen.
Gelet op deze overwegingen verklaarde de Afdeling het beroep ongegrond en wees zij een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het beroep tegen het bestemmingsplan Overhorsterweg II wordt ongegrond verklaard.